Veelgestelde vragen

Commissie

Waarom is deze Commissie ingesteld?

NS heeft tijdens de Tweede Wereldoorlog op last van de bezetter, vanuit Nederland mensen tot aan de landsgrenzen vervoerd met als bestemming concentratie- en vernietigingskampen in het buitenland. De bezetter gaf daartoe opdracht met het doel van genocide. NS heeft de bezetter hiervoor facturen gestuurd. Zeer velen van de gedeporteerden zijn in deze vernietigingskampen omgebracht. NS beschouwt de medewerking aan de deportaties door de bezetter als een zwarte bladzijde in de geschiedenis van het bedrijf. NS heeft daarom besloten op morele gronden een individuele financiële tegemoetkoming aan te bieden aan de meest direct door haar handelen getroffen. Het initiatief is een gevolg van gesprekken die NS voerde met holocaust-overlevende Salo Muller, wiens beide ouders de kampen niet overleefden.

Wie zijn de leden van de Commissie?

Job Cohen is voorzitter van de Commissie, die verder bestaat uit Lilian Gonçalves – Ho Kang You en Ellen van der Waerden. Eva van Ingen is secretaris van de Commissie.

Wat was de opdracht van de Commissie?

  • Het uitbrengen van een advies aan NS over de vraag op welke wijze een individuele tegemoetkoming aan overlevenden en directe nabestaanden van de hiervoor omschreven transporten tijdens de Tweede Wereldoorlog kan worden vormgegeven.
  • Het verzorgen van de daadwerkelijke uitvoering van deze regeling. 
    Daartoe heeft NS de Stichting Individuele Tegemoetkoming Slachtoffers WOII Transporten NS in het leven geroepen, en aan de leden van de Commissie gevraagd het bestuur daarvan te vormen.

Advies

Wat is de kern van het advies?

  • De Commissie adviseert een regeling in te stellen om belanghebbenden, dan wel hun directe nabestaanden in eerste lijn die op 27 november 2018 – de datum waarop NS en Salo Muller met elkaar tot overeenstemming kwamen dat deze regeling er moest komen – nog in leven waren, in financiële zin tegemoet te komen.
  • De regeling wordt opengesteld voor degenen die vanuit Nederland vanuit de Joodse gemeenschap en vanuit de gemeenschappen van Roma en Sinti zijn getransporteerd naar concentratie- en vernietigingskampen buiten Nederland.  
    Daarnaast komen diegenen uit de Joodse gemeenschap en de gemeenschappen van Roma en Sinti in aanmerking die op last van de bezetter tot aan Westerbork, Vught of Amersfoort zijn vervoerd met het oogmerk hen naar concentratie- of vernietigingskampen buiten Nederland te vervoeren.
  • Personen uit de hiervoor genoemde groepen worden in het advies Belanghebbende genoemd. Zijn zij niet meer in leven, dan komen hun weduwe/weduwnaar in aanmerking. Indien de Belanghebbende op het moment van overlijden geen weduwe/weduwnaar had of indien ook de weduwe/weduwnaar is overleden, komen de kinderen van de Belanghebbende gezamenlijk voor een tegemoetkoming in aanmerking.
  • Diegenen die niet op last van de bezetter, maar in opdracht van de Nederlandse overheid in de periode oktober 1939 – 1 juli 1942 in kamp Westerbork (toen nog vluchtelingenkamp) zijn ondergebracht, en van daaruit niet verder zijn getransporteerd naar concentratie- of vernietigingskampen in het buitenland, komen niet in aanmerking voor de regeling.
  • Naast de individuele regeling adviseert de Commissie NS diepgaand historisch onderzoek te doen instellen naar de rol van NS tijdens de Tweede Wereldoorlog. Door vertegenwoordigers van de geraadpleegde groepen is nadrukkelijk aangegeven dat grote behoefte bestaat aan meer informatie en historisch inzicht in de rol die NS tijdens de oorlog heeft gespeeld. 
    De Commissie onderschrijft dat, zeker nu haar is gebleken dat het perspectief van ‘transporten tijdens de oorlog’ in de volle breedte nooit onderwerp van historisch onderzoek is geweest.[1] Het onderzoeken van bronnen die met name meer licht kunnen werpen op het uitvoeren van transporten in opdracht van de bezetter, kan de eigen reflectie op deze episode in de geschiedenis van het bedrijf verdiepen, bijdragen aan het historisch perspectief op de oorlogsjaren in Nederland en daarmee ook recht doen aan alle slachtoffers die niet onder de individuele tegemoetkoming waarover dit advies is uitgebracht, vallen.

Hoe ziet de individuele tegemoetkoming eruit?

De Commissie adviseert, mede op basis van onderzoek naar andere regelingen, de individuele tegemoetkoming als volgt samen te stellen:

  • Voor alle nog levende personen uit de Joodse gemeenschap en de gemeenschappen van Roma en Sinti die tijdens de Tweede Wereldoorlog op bevel van de bezetter per spoor zijn vervoerd naar Westerbork, Vught of Amersfoort met het oogmerk om hen naar een concentratie- of vernietigingskamp buiten de landsgrenzen te vervoeren, of vanuit andere locaties in Nederland rechtstreeks naar concentratie- en vernietigingskampen in het buitenland zijn vervoerd, een tegemoetkoming ter hoogte van €15.000,-.
  • Indien deze getransporteerden tijdens of na de oorlog zijn overleden, geldt een tegemoetkoming voor de weduwe of weduwnaar ter hoogte van €7.500,-.
  • Als de getransporteerde op het moment van overlijden geen weduwe of weduwnaar had, of als die inmiddels is overleden, dan komen de nog levende kinderen van de getransporteerde gezamenlijk in aanmerking voor een tegemoetkoming en wel als volgt: indien het oudste nog levende kind geboren is voor 8 mei 1945, een tegemoetkoming ter hoogte van €7.500,- tezamen; als het oudste kind na die datum is geboren, een tegemoetkoming ter hoogte van €5.000,- voor de kinderen tezamen.

Bij deze regeling wordt steeds uitgegaan van de situatie zoals die was op 27 november 2018, de dag dat NS tot deze regeling besloten heeft. Dat wil zeggen dat de wettelijke erfgenamen in de plaats treden van degene die op 27 november 2018 in aanmerking zou komen voor een individuele tegemoetkoming, maar is overleden na deze datum.

Hoe heeft de Commissie de reikwijdte van de regeling vastgesteld?

De Commissie heeft contact gezocht met historici en onderzoekers (werkzaam bij het NIOD, het Nationaal Archief, Rode Kruis, Herinneringscentrum Kamp Westerbork, Vught en Amersfoort, Stichting 40-45, SVB, en analyse CBS). Zij zijn onder meer bevraagd op de historische context van de transporten naar kampen binnen en buiten Nederland, de verschillende groepen die hiermee in aanraking zijn gekomen en de aantallen betrokkenen binnen die groepen die mogelijkerwijs nu een beroep op de regeling zouden kunnen doen. Zo heeft de Commissie getracht tot een goed gefundeerd beeld te komen over de vraag welke groepen passen binnen de begrenzing die NS heeft aangebracht.

Hoe is de Commissie tot deze bedragen gekomen?

De Commissie heeft bekeken welke in het verleden opgestelde, dan wel nu bestaande regelingen,  behulpzaam zouden kunnen zijn bij het opstellen van het gevraagde advies. Hiervoor heeft de Commissie een benchmark uitgevoerd waarin regelingen zijn betrokken bedoeld voor individuele tegemoetkomingen aan slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog. Er is onder andere gekeken naar: het compensatiefonds van de Franse Spoorwegmaatschappij, de individuele uitkeringen van de Stichting Maror-gelden, Stichting Het Gebaar, Nationaal Fonds republiek Oostenrijk voor slachtoffers van het Nationaalsocialisme in Oostenrijk, het Volkswagen Humanitair Fonds, het Siemens Humanitair Hulpfonds en de regeling van IG Farben Krupp en AEG Telefunken.

Daarnaast is gekeken naar het Schadefonds Geweldsmisdrijven en het Besluit Vergoeding Affectieschade.

Hierbij is geconstateerd dat er historisch bezien geen identieke gevallen zijn. Er zijn wel maatstaven ontstaan voor de vaststelling van immateriële schade en de bandbreedtes die daarbij zijn gehanteerd hebben handvatten gegeven om de hoogte van de bedragen vast te stellen.

Regeling

Hoe ziet de regeling eruit?
NS neemt een definitief besluit over de regeling. Het uitkeringsreglement wordt daarna vastgesteld. Het streven is erop gericht de uitvoering van de regeling op 1 augustus 2019 in werking te laten treden.

Geldt de regeling alleen voor mensen in Nederland?

Nee, ook mensen die onder de voorwaarden van de regeling vallen en nu in het buitenland wonen, kunnen een aanvraag indienen.

Hoe lang loopt de regeling?

NS stelt de looptijd van de regeling nog definitief vast. De verwachting is dat de regeling in ieder geval een looptijd van een jaar heeft.

Aanvraagprocedure

Hoe ziet de aanvraagprocedure eruit?

Zodra de praktische informatie over de procedure beschikbaar is, komt de informatie op de website te staan: https://commissietegemoetkomingns.nl

Waar moeten mensen een aanvraag doen?

Voor de uitvoering van de regeling heeft NS de Stichting Individuele Tegemoetkoming Slachtoffers WOII Transporten NS opgericht. De leden van deze Commissie vormen het bestuur. Deze stichting gaat de uitvoering van de regeling verzorgen. De aanvraag verloopt straks in beginsel online via de website van de Stichting: https://commissietegemoetkomingns.nl

Waarom is de aanvraagprocedure online?

Op die manier kan de aanvraag relatief snel verwerkt worden en is de procedure voor iedereen makkelijk toegankelijk. Voor mensen die problemen ervaren bij een online aanvraag, is er hulp beschikbaar.

Hoe lang duurt de aanvraagprocedure?

De procedure wordt zo ingericht dat het zo min mogelijk belastend is voor de aanvrager en daarnaast mogelijk is om de aanvraag zo snel mogelijk te behandelen. De daadwerkelijke termijn zal nog worden vastgesteld en bekend worden gemaakt in het uitkeringsreglement. In de uitvoering wordt met Herinneringscentrum Kamp Westerbork samengewerkt waar al veel informatie beschikbaar is.

Kunnen mensen kosten van een aanvraag declareren of opvoeren bij de aanvraag?

Nee, dat is niet mogelijk.

Waar kan ik terecht met vragen over de aanvraagprocedure?

Er is een helpdesk waar mensen terecht kunnen met vragen. Het nummer is: 088 – 7926250.


[1] De studie van A.J.C. Rüter, Rijden en Staken. De Nederlandse Spoorwegen in Oorlogstijd, uit 1960 gaat hier maar zeer beperkt op in.